Verlies van micro stabiliteit is het verschijnsel waarbij
uittredend grondwater, meestal aan de teen van het
binnentalud, grond uit het dijklichaam spoelt en
plaatselijke instabiliteiten in de dijk veroorzaakt. Er is
evenwel geen sprake van een grootschalige glijcirkel, maar
de stabiliteit van een dijk is desalniettemin niet meer
gegarandeerd. Er kan zelfs bezwijken van de gehele
waterkering optreden. Het verschijnsel treedt vooral op bij
dijken in het bovenrivierengebied tijdens bij hoge
waterstanden. De grondwaterstand in de dijk komt bij die
hoge waterstanden hoger te liggen dan doorsnee het geval is.
Er kan dan water uit het binnentalud stromen. Bij de beoordeling op micro stabiliteit wordt onderscheid
gemaakt tussen twee dijktypes. Een zanddijk met een zandige
toplaag en een zanddijk met een toplaag van klei. In het
eerste geval is het materiaal van de toplaag non-cohesief en
bij een hoge grondwaterstand in de dijk kan grond
gemakkelijk uitspoelen. In het tweede geval kunnen er als
gevolg van een hoge grondwaterstand in de dijk twee
bezwijkmechanismen optreden. Bij het eerste kan door de hoge
waterdruk de kleilaag van het binnentalud worden afgedrukt.
Bij het tweede zorgt de hoge waterdruk voor een afname in
effectieve korrelspanning (korrelspanning = gronddruk -
waterdruk) en dus een afname in schuifweerstand en kan de
kleilaag afschuiven. In beide gevallen kan vervolgens net
als bij de zanddijk met zandige toplaag weer zand uit de
kern van dijk wegspoelen. In het begin van het jaar was er opschudding in Stein (L),
omdat er water aan de teen van het binnentalud uittrad en
een deel van het talud wegspoelde. Enkele honderden mensen
moesten vanwege gevaar voor een dijkdoorbraak hun huis
verlaten. Door Stein getriggerd bleek dat het simpele
rekenmodel om micro instabiliteit te kunnen beschrijven,
niet gevalideerd was. Met de centifugeproef, waarnaar u op
deze pagina kunt kijken, worden metingen verricht om
rekenmodellen voor micro instabiliteit te kunnen valideren. Bij de centrifuge proeven is het uitgangspunt een dijk,
opgebouwd uit zand. In die dijk kan de waterstand worden
verhoogd. Om te zien hoe hoog de waterstand is, zijn in de
dijk waterspanningsmeters gemonteerd, W1 t/m W10. Ook zijn
er twee gronddrukdozen (GDD) ingebracht, met daarbij een
waterspanningsmeter, zodat de korrelspanning kan worden
bepaald. Op de geolive pagina kunt u kijken naar
videobeelden van de dijk, zoals deze in de centrifuge
draait. Rechtsboven kunt u een aantal plaatjes zichtbaar
maken. Hierbij zijn plaatjes waarin kunt zien hoe
bijvoorbeeld de waterspanning zich in de tijd ontwikkelt.
Daarnaast zijn er plaatjes waarbij u in een verticale raai
een momentopname van de aflezingen van de opnemers kunt
zien.